Nicolette van de Water is geboren en groeide op in Den Haag. De eerste 8 jaar was nog ‘normaal’, maar daarna ging het snel bergaf: “Mijn moeder had polio en raakte aan de drank. Regelmatig moest ik haar midden in de nacht de trap op dragen”.
Tegen het einde van de basisschool was ook zij verslaafd, eerst aan de drugs en vervolgens aan het lachgas. Van de eerste middelbare school werd ze verwijderd. Gelukkig ging het op de tweede een stuk beter. “Ik dacht: als zij – haar klasgenoten – het kunnen, moet ik het ook kunnen”.
Op haar 18de werd het gezin het huis uit gezet. Nicolette volgde toen haar vriendje naar Curaçao, ze dacht voor een paar jaar, maar keerde 4 weken later al terug naar Nederland. Daar werd ze opgewacht door haar vader en de moeder van een vriendin, Esther. Die nam haar in huis. Vanaf dat moment ging het beter met haar.
“Esther stimuleerde me een studie te volgen aan het MBO. Hoewel ik altijd dacht nooit naar het HBO te gaan, heb ik die studie uiteindelijk in 5 jaar afgemaakt”.
Via een vriendin ontdekte ze het kickboksen.
“Daar won ik elk gevecht. Ik kwam in een scene terecht waar ik me heel prettig voelde, zulke fijne mensen. Daarom heb ik me tot de Islam bekeerd, op mijn manier dan”.
Via het kickboksen kwam ze twee en een half jaar geleden terecht op een boksschool in de Schilderswijk. De trainer daar voorspelde dat hij haar landskampioen kon maken. Zelf geloofde ze daar niet in, daarvoor had ze te veel overgewicht.
Toch: “Ik sprak met mezelf af om nog minstens 6 jaar te boksen. Voor de eerstvolgende Olympische Spelen is de tijd te kort, maar de volgende in Brisbane, Australië, dat moet lukken”.
Nicolette van de Water is geboren en groeide op in Den Haag. De eerste 8 jaar was nog ‘normaal’, maar daarna ging het snel bergaf: “Mijn moeder had polio en raakte aan de drank. Regelmatig moest ik haar midden in de nacht de trap op dragen”.
Tegen het einde van de basisschool was ook zij verslaafd, eerst aan de drugs en vervolgens aan het lachgas. Van de eerste middelbare school werd ze verwijderd. Gelukkig ging het op de tweede een stuk beter. “Ik dacht: als zij – haar klasgenoten – het kunnen, moet ik het ook kunnen”.
Op haar 18de werd het gezin het huis uit gezet. Nicolette volgde toen haar vriendje naar Curaçao, ze dacht voor een paar jaar, maar keerde 4 weken later al terug naar Nederland. Daar werd ze opgewacht door haar vader en de moeder van een vriendin, Esther. Die nam haar in huis. Vanaf dat moment ging het beter met haar.
“Esther stimuleerde me een studie te volgen aan het MBO. Hoewel ik altijd dacht nooit naar het HBO te gaan, heb ik die studie uiteindelijk in 5 jaar afgemaakt”.
Via een vriendin ontdekte ze het kickboksen.
“Daar won ik elk gevecht. Ik kwam in een scene terecht waar ik me heel prettig voelde, zulke fijne mensen. Daarom heb ik me tot de Islam bekeerd, op mijn manier dan”.
Via het kickboksen kwam ze twee en een half jaar geleden terecht op een boksschool in de Schilderswijk. De trainer daar voorspelde dat hij haar landskampioen kon maken. Zelf geloofde ze daar niet in, daarvoor had ze te veel overgewicht.
Toch: “Ik sprak met mezelf af om nog minstens 6 jaar te boksen. Voor de eerstvolgende Olympische Spelen is de tijd te kort, maar de volgende in Brisbane, Australië, dat moet lukken”.




