‘Niet over ons, maar met ons’: Almeerders in gesprek over de Sociale Agenda van Flevoland

De nieuwste meting van de landelijke Leefbaarometer 2024 laat zien dat de leefbaarheid in Almere als geheel is gestegen vergeleken met tien jaar geleden en dat het algemene oordeel van de stad uitkomt op ruim voldoende. Tegelijkertijd blijven sommige wijken achter, wat laat zien dat vraagstukken rond sociale samenhang, veiligheid en voorzieningen blijvende aandacht vragen.

Dat benadrukt het belang van de ontwikkeling van de Sociale Agenda van Flevoland: een provinciale agenda waarin thema’s als gezondheid, inclusie, participatie en sociale cohesie centraal staan. De provincie Flevoland geeft deze agenda mede vorm met inwoners en andere betrokkenen in de regio.

Op woensdagochtend 4 februari kwamen inwoners samen in De Nieuwe Bibliotheek Almere om hierover mee te praten. De bijeenkomst was één van meerdere participatiesessies in de provincie, na eerdere edities in Urk en Lelystad. Inwoners kregen de ruimte om ervaringen en ideeën te delen over gezondheid, inclusie, participatie, sociale cohesie en een veilige leefomgeving.

Start van de dialoog
De bijeenkomst begon met een korte introductie van Astrid Stomphorst, programmamanager Versterken van Inwoners. Zij benadrukte het belang van inspraak en samenwerking: “Het is belangrijk dat jullie je stem kunnen laten horen.” Ook aanwezig waren Jojanneke Wolzak, beleidsadviseur Wonen en Brede Welvaart bij de provincie, en namens Flever (de provinciale uitvoeringsorganisatie voor een Vitale samenleving) Rutger van Weeren en Annicka Eden.

Tijdens een introductieronde deelden deelnemers waarom zij aanwezig waren. Sommigen wilden hun wijkgenoten beter leren kennen, anderen zagen een kans om mee te denken over groenvoorzieningen, verkeersdruk of sociale initiatieven. De sfeer was open en betrokken en vormde een goede basis voor het vervolg van de ochtend.

De sessie vond plaats binnen de Participatiehub Flevoland, een netwerk dat inwoners, patiënten en cliënten structureel betrekt bij zorg- en welzijnsvraagstukken. De hub organiseert bijeenkomsten, ondersteunt communicatie en zorgt ervoor dat de inbreng van inwoners daadwerkelijk terugvloeit naar beleidsmakers. Zo wordt participatie meer dan een eenmalige bijeenkomst.

Inwoners als basis van beleid
Volgens Pieter De Stefano, onderzoeker en adviseur bij De Participatiepraktijk, is inwonersparticipatie essentieel. “Samenleven doen we met elkaar. Een Sociale Agenda zoals in Flevoland kan daar een impuls aan geven, maar uiteindelijk zijn het inwoners zelf die met elkaar een gemeenschap vormen. Om goed te weten wat inwoners willen, is participatie van groot belang. Hoe willen inwoners samenleven? Welke kansen zien zij? En wat willen zij zelf doen, bijvoorbeeld voor een zieke buurman of voor taallessen van nieuwkomers? Wat verwachten zij van hun gemeente en provincie daarin?”

De Stefano legt uit dat participatie ook de kwaliteit van beleid aanzienlijk verbetert. “Op tal van onderwerpen, zoals ruimtelijke vraagstukken of een Sociale Agenda, kunnen inwoners (en idealiter ook bedrijven en andere organisaties) meepraten over onderwerpen waar zij veel verstand van hebben: hun eigen leefomgeving. Maar de overheid moet participatie goed inzetten. Niet als alles al beslist is. Je moet echt over iets kunnen meepraten. Ook moet duidelijk zijn: hier gaat het wél over en hier niet. En dat kan concreet zijn: bewoners beslissen bijvoorbeeld hoe een speeltuin wordt ingericht binnen welk budget.”

Hij benadrukt dat de voordelen van participatie voor overheid én inwoners groot zijn. “Het grootste voordeel voor de overheid is dat beleid beter aansluit bij wat inwoners willen. Vaak komen zij ook met ideeën en oplossingen waar de overheid zelf nooit aan zou denken. Voor inwoners is het grootste voordeel dat je direct beleid dat jou raakt kunt beïnvloeden met jouw eigen wensen.”

Van post-it naar beleid
In kleine groepen werkten deelnemers met mindmaps, post-its en prioriteitenstickers. Een veelgehoorde uitspraak was: “Niet over ons, maar met ons.” Zo ontstond een overzicht van wat er speelt in buurten en wijken, van parkeerdruk tot groene plekken en sociale voorzieningen.

De Stefano waarschuwt dat moeilijk bereikbare groepen extra aandacht vragen. “Als participatie goed wordt ingezet, kunnen ook deze groepen een stem krijgen. Maar dit vergt extra inspanning: je moet niet alleen op zaterdagmiddag op de markt staan, maar ook naar een voetbalvereniging gaan en huis-aan-huis in buurten waar mensen moeilijker bereikbaar zijn. Doe je dat niet, dan hoor je vooral de stemmen die toch al makkelijk meepraten, en dat is een gemiste kans.”

Wat gebeurt er nu?
De opbrengsten uit Almere worden gebundeld met die uit Urk en Lelystad en gebruikt voor de verdere uitwerking van de Sociale Agenda. De provincie heeft toegezegd deelnemers terug te koppelen hoe hun ideeën zijn verwerkt, zodat participatie geen vrijblijvend proces blijft. Met ruim 230.000 inwoners en een snel groeiende, diverse bevolking staat Almere voor grote sociale uitdagingen. De bijeenkomst laat zien dat inwoners bereid zijn mee te denken over oplossingen, juist nu cijfers laten zien dat onderlinge verbondenheid onder druk staat.

Geschreven door